U bent hier >> Home NRTO is Feiten & cijfers
Feiten en cijfers

Afbakening
Het niet-bekostigd onderwijs betreft opleidingen waarvoor de uitgaven volledig voor rekening komen van de burger die de opleiding volgt, voor de werkgever of voor de uitkeringsinstantie. Meestal gaat het bij het niet-bekostigd onderwijs om mondelinge deeltijdopleidingen aan een particulier instituut, schriftelijke cursussen of bedrijfsopleidingen.

Kwantitatief

  1. Totaal aantal cursisten in particulier onderwijs.
    • In 2007 nam 42,1% van de Nederlanders tussen de 25 en 64 jaar deel aan non formele scholing. Ter vergelijking: het Europees gemiddelde is hier 32,7% (Bron: Eurostat).
    • In 2008 kende het niet bekostigde onderwijs 1.322.000 deelnemers tussen de 17 en 64 jaar. Dit is 12,5% van de totale bevolking in die leeftijdscategorie (Bron: CBS). 
    • In 2008 volgde 2.364.000 mensen een korte arbeidsgerelateerde cursus (Bron: CBS).
  2. Uitgaven
    • Bedrijven gaven in 2005 ruim 3 miljard euro uit aan bedrijfsopleidingen (Bron: CBS)
    • In 2007 heeft de Nederlandse overheid 34 miljard euro uitgeven aan onderwijs (Bron: CBS).
    • In 2008 gaven werknemers 199 miljoen euro uit aan korte arbeidsgerichte cursussen (Bron: CBS).
  3. Totaal aantal particuliere onderwijsinstellingen, ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel
    Totaal aantal inschrijvingen op de titel Onderwijs                      14.913, waarvan:
    Totaal aantal inschrijvingen op de titel Bedrijfsopleiding              1.897,
    Totaal aantal inschrijvingen op de titel HBO                                      39,
    Totaal aantal inschrijvingen op de titel MBO                                      61,
    Totaal aantal inschrijvingen op de titel Schriftelijk Onderwijs            70.
                                                                 
  4. Soorten opleidingen
    • Van alle non formele scholing in 2007 is 84,7% werkgerelateerd (Bron: Eurostat)
    • Van alle niet bekostigde opleidingen in 2008 is 78,7% werkgerelateerd. Dit zijn 1.040.000 opleidingen (Bron: CBS).
  5. De NRTO 
    • 111 leden met een omzet van  € 300 mio.
    • 58 (= 72%) Aangewezen en erkend onderwijs (Crebo en Croho geregistreerd)
    • Bedrijfsopleidingen: 23
    • Exameninstellingen: 2

Kwalitatief
Wat kan het particulier onderwijs bijdragen (added value) aan de verwezenlijking van de doelstellingen van het ministerie / kabinet:

  • Het kabinet heeft zich gecommitteerd aan de Lissabon-doelstelling van de Europese Unie om in 2010 de meest concurrerende kenniseconomie ter wereld te zijn. Deze ambitie vraagt om alle hens aan dek en is enkel met gebruik van het potentieel van het particulier onderwijs te realiseren. De leden van de NRTO bieden in de markt kwalitatief goed onderwijs.
  • Het kabinet wil de schooluitval terugdringen. Het particulier VO, MBO en HBO onderwijs vangt uitvallers in het regulier onderwijs op en kent zelf hele lage uitvalpercentages (< 5 %).
  • Het kabinet streeft een innovatieve, concurrerende en ondernemende economie na waarbij in het onderwijs veel aandacht moet worden gegeven aan ondernemerskwaliteiten en het excelleren van talenten. Het particulier onderwijs is vanouds sterk in de economische-juridische hoek en draagt in aanzienlijke mate bij aan het opscholen van werkenden. Het zijn de opleidingen die vaak uit de branches of doelgroepen zelf zijn voortgekomen. Ze kennen een grote arbeidsmarktrelevantie en zorgen voor excellent onderwijs in een branche of voor een specifieke doelgroep. Daarbij komt dat het aanbod verzorgd wordt door instellingen die, dank zij hun ondernemerschap, zich hebben weten te profileren; het opleidingsaanbod kent een stevig focus op het versterken van de ondernemersgeest en is per definitie vraaggestuurd.
  • Leven lang leren wordt werkelijkheid. Zodra we het gekwalificeerde particuliere opleidingscircuit inbedden in onze onderwijsinfrastructuur en betrekken bij de ambitie van een leven lang leren, is er vermoedelijk tijd, geld en energie voldoende om employability te realiseren. Veel particuliere opleiders richten zich reeds op de doelgroep werkenden. De NRTO investeert hierin en zoekt de samenwerking met de beleidsmakers en werkgeversverenigingen (VNO/MKB) om de krachten te bundelen.
  • Respectvolle omgang met elkaar en de omgeving staat nadrukkelijk in het regeerakkoord genoemd. Consumentenbescherming, mede tot uitdrukking gebracht door de installatie van de Consumentenautoriteit per 1 januari 2007, past daarin. Alle leden van de NRTO ondertekenen een gedragscode. De NRTO wil de kwaliteit van de private opleidingsaanbieders verder borgen door te bevorderen dat leden zich laten accrediteren. Daarbij is de NRTO v/h PAEPON (sinds 1 september 2007) aangesloten bij de Geschillencommissie. De Geschillencommissie Particuliere Onderwijsinstellingen is ingesteld om geschillen tussen de consument en het lid van de vereniging NRTO te beslechten voorzover de geschillen betrekking op de door het lid te leveren of geleverde diensten en/ of zaken. Er kan pas een beroep op de Geschillencommissie worden gedaan als de interne klachtenprocedures bij de onderwijsinstelling is doorlopen zonder dat dit tot een oplossing heeft geleid. Bij de behandeling van een geschil door de onafhankelijke Geschillencommissie Particuliere Onderwijsinstellingen staan de Algemene Voorwaarden van het desbetreffende lid en de gedragscode van de NRTO bij de uitspraak centraal.     
  • “De overheid moet vertrouwen geven, ruimte laten, en mensen toerusten om volwaardig te participeren en verantwoordelijkheden te dragen. De menselijke maat is daarbij leidraad en kwaliteit staat centraal” staat in het regeerakkoord. Het particuliere onderwijs is veelal kleinschalig, kent nog een sterke kenniscomponent en wordt om die reden gezocht en gewaardeerd. Leden van de NRTO investeren in kwaliteit met behoud van de menselijke maat in onderwijs; zij vormen zo in een heel aantal gevallen een belangrijke aanvulling op de bestaande mogelijkheden voor mensen om te kiezen voor arbeidsmarktkwalificatie op ieder niveau.